Sportfysiotherapie

Sportfysiotherapie is een erkende verbijzondering binnen de fysiotherapie. Het richt zich op een bepaalde doelgroep en kenmerkt zich doordat het een specifiek en afgebakend deel van de fysiotherapie betreft, waarvoor speciale kennis en vaardigheden vereist zijn. 

Sportfysiotherapie richt op het herstel tot en met het oorspronkelijke sportniveau. Dit doel ligt meestal hoger dan het niveau waarop de algemene fysiotherapie zich richt. De begeleiding richt zich op sporters in zowel de topsport, breedtesport als de recreatiesport.

Naast het behandelen van sportblessures, tijdens en/of door sportbeoefening ontstaan, richt de sportfysiotherapie zich ook op preventie, voorlichting en advies.

Wat doet een sportfysiotherapeut?

De sportfysiotherapeut behandelt in principe sportblessures die de sporter belemmeren in het beoefenen van zijn sport.
Hij doet dit door een analyse te maken van de blessure en van de betreffende sport.
De sportanalyse heeft als doel om zo helder mogelijk te krijgen welke eisen aan de sporter worden gesteld in de wedstrijdsituatie.
Anders gezegd: Wat moet de sporter (fysiek) kunnen om op verantwoorde wijze weer op zijn of haar niveau mee te kunnen doen.

Zodra de sporter en de sport zijn geanalyseerd, staan de huidige situatie en de eisen van de sport naast elkaar en kunnen  zo concreet mogelijk de doelen voor oefentherapie en/of training geformuleerd worden.
Pas dan komt de keuze van oefenstof en de invulling van programma’s.

Als basis voor het herstel wordt uitgegaan van de verschillende fases tijdens de wondgenezing. Kort samengevat onderscheiden we de (acute)ontstekingsfase, de proliferatie of aanmaak van nieuw weefsel en de remodulering of het belastbaar/functioneel maken van dit weefsel.
Tijdens iedere fase is er een specifieke maat van belastbaarheid van het aangedane weefsel. 
De behandeling/revalidatie zal zich zo snel als mogelijk richten op “actief” herstel van de sporter.

Grondmotorische eigenschappen

  • Kracht
  • Uithoudingsvermogen
  • Snelheid

Deze 3 grondmotorische eigenschappen worden via een zgn. revalidatieboom (Rehaboom) in al zijn fasen doorlopen tot het specifieke/wedstrijd niveau is bereikt wat voor de geblesseerde sporter van belang is. Dit revalidatietraject kenmerkt zich door op de juiste momenten een stap voorwaarts of een stap terug te doen.